Wet werkelijk rendement box 3: wat betekent het nieuwe box 3-stelsel voor u?
De Tweede Kamer heeft op 12 februari 2026 ingestemd met het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3. Dit wetsvoorstel hervormt de belastingheffing in box 3 ingrijpend. De beoogde ingangsdatum is 1 januari 2028. Tot die tijd blijft het huidige forfaitaire box 3-stelsel van kracht, met de mogelijkheid tot tegenbewijs wanneer het werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire rendement. Het wetsvoorstel ligt nu bij de Eerste Kamer. De behandeling wordt dit voorjaar verwacht, waarschijnlijk al in maart 2026. Of deze behandeling nog tot wijzigingen leidt, is op dit moment nog onzeker.
Nieuw box 3-stelsel vanaf 2028: twee vormen van belastingheffing
De kern van de Wet werkelijk rendement box 3 is dat voortaan belasting wordt geheven over het daadwerkelijk behaalde rendement. Binnen het nieuwe box 3-stelsel bestaan twee systemen naast elkaar:
1. Vermogensaanwasbelasting (hoofdregel)
Bij de vermogensaanwasbelasting wordt jaarlijks belasting geheven over:
- direct rendement, zoals rente, dividend en huurinkomsten;
- indirect rendement, waaronder waardemutaties van vermogen, óók als deze nog niet zijn gerealiseerd.
Dit betekent dat ook zogenoemde papieren winsten jaarlijks in de heffing worden betrokken.
2. Vermogenswinstbelasting (uitzondering)
Voor onroerende zaken en aandelen in start-ups geldt een afwijkend regime: de vermogenswinstbelasting.
Hierbij:
- worden daadwerkelijke inkomsten belast;
- worden waardestijgingen pas belast op het moment van realisatie.
De regering heeft toegezegd dat via een apart wetsvoorstel nader wordt uitgewerkt wat onder start-ups en scale-ups wordt verstaan. Alleen ondernemingen die aan deze definitie voldoen, vallen onder dit gunstigere regime binnen box 3.
Belangrijkste aandachtspunten Wet werkelijk rendement box 3
Het wetsvoorstel bevat daarnaast een aantal relevante uitgangspunten:
- een heffingsvrij resultaat van € 1.800 per belastingplichtige (€ 3.600 voor fiscale partners).
- het box 3-tarief moet nog worden vastgesteld, maar zal naar verwachting rond de 36% liggen.
- negatieve box 3-inkomsten boven € 500 mogen worden doorgeschoven naar het volgende jaar (beperkte verliesverrekening, geen carry back).
- bij de overgang naar het nieuwe stelsel wordt het box 3-vermogen gewaardeerd tegen de waarde in het economische verkeer per 1 januari 2028.
- regels voor buitenlands vermogen, emigratie en immigratie zijn nog in uitwerking.
- algemene doorschuifregelingen bij overlijden of echtscheiding ontbreken vooralsnog.
Toekomst: één box 3-systeem?
Tijdens de parlementaire behandeling is stevige kritiek geuit op het naast elkaar bestaan van een vermogensaanwasbelasting en een vermogenswinstbelasting. In een aangenomen motie is de regering opgeroepen om uiterlijk per 2029 te komen tot één box 3-stelsel, volledig gebaseerd op vermogenswinst. Daarmee zouden ongerealiseerde waardestijgingen pas bij verkoop of realisatie worden belast. Of dit (politiek) haalbaar is, blijft voorlopig afwachten.
Onze experts denken graag met u mee
Wilt u weten wat het nieuwe box 3-stelsel vanaf 2028 betekent voor uw vermogen of structuur? Neem dan gerust contact op met een van onze specialisten voor een persoonlijke analyse en vooruitblik.
Contact