Uitgebreider interview: Pillar Two in de praktijk
Van administratieve complexiteit naar een beheersbare aanpak
In de FD-bijlage C-suite Agenda van 27 februari jl. deelde onze collega Ilyas Benali zijn visie op Pillar Two en de uitdagingen waar multinationale ondernemingen momenteel tegenaan lopen.
In het artikel was slechts ruimte voor een korte toelichting. In dit uitgebreidere interview gaat Ilyas dieper in op de achtergrond van Pillar Two, de grootste valkuilen die hij in de praktijk ziet en hoe bedrijven de implementatie beheersbaar kunnen maken.
Van de administratieve impact tot praktische stappen om processen en data op orde te krijgen — hieronder leest u het volledige gesprek.
“Wat is Pillar Two in één zin?”
Een minimumbelasting die beoogt dat bedrijven van een bepaalde omvang in elke jurisdictie waarin zij actief zijn een effectieve belastingdruk van ten minste 15% hebben.
“Waarom is Pillar Two ooit ingevoerd?”
Pillar Two is een poging om een bodem te leggen onder belastingconcurrentie tussen landen en om kunstmatige winstverschuiving naar laagbelastende landen minder aantrekkelijk te maken.
“Wordt het doel van Pillar Two gehaald?”
Dat hangt ervan af hoe je het doel definieert. Als het doel is: een definitief einde maken aan de “race to the bottom”, dan ben ik daar sceptisch over. Belastingen blijven een middel waarmee landen concurreren om investeringen aan te trekken.
Tegelijk vind ik Pillar Two wél een grote stap vooruit in het minder aantrekkelijk maken van kunstmatige structuren en winstverschuiving zonder echte activiteiten. Ik verwacht dat landen blijven concurreren, maar dat die concurrentie nog meer verschuift richting prikkels die gekoppeld zijn aan echte investeringen, banen en activiteiten. Dat kan ertoe leiden dat de effectieve belastingdruk in een land alsnog onder de 15% uitkomt, maar dan minder via “lege” structuren.
Je ziet dit nu al in de praktijk: landen zoeken naar manieren om fiscale voordelen te herontwerpen (bijvoorbeeld via subsidies of via belastingvoordelen die onder Pillar Two minder snel tot bijheffing leiden). Onder politieke druk – zeker met de discussie rond Amerikaanse multinationals – zie je bovendien dat het Pillar Two-kader bewust steeds meer ruimte creëert voor bepaalde belastingvoordelen, zonder dat dit tot bijheffing leidt als daardoor de effectieve belastingdruk onder de 15% zou uitkomen.
“Wat moeten bedrijven concreet doen onder Pillar Two?”
Pillar Two roept een aantal verplichtingen in het leven:
- Verplichtingen inzake financiële rapportage – Volgens IFRS zijn specifieke Pillar Two-gerelateerde toelichtingen vereist in de enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekening.
- GloBE Information Return (GIR) – Een gedetailleerde en arbeidsintensieve aangifte die alle relevante groepsgegevens en data bevat waarmee belastingautoriteiten kunnen beoordelen of Pillar Two juist is toegepast en er al dan niet een bijheffings-verplichting geldt voor een groepsentiteit.
- GIR-notificatie – Als de GIR in één rechtsgebied wordt ingediend terwijl de groep ook actief is in andere landen met Pillar Two-regels, moeten de belastingautoriteiten van die andere landen geïnformeerd worden over waar en door wie de GIR is ingediend.
- Lokale belastingaangiften – Entiteiten in landen met Pillar Two-regels kunnen verplicht zijn afzonderlijke belastingaangiften in te dienen.
- Lokale registratie- en meldingsverplichtingen – Sommige landen (zoals België, Duitsland, Hongarije, het Verenigd Koninkrijk, Bahrein en Vietnam) hebben (jaarlijkse) registratie- en/of meldingsverplichtingen ingevoerd met betrekking tot Pillar Two.
“Wat is de grootste fout die jij nu ziet gebeuren?”
Veel bedrijven hebben te lang gewacht met het organiseren van Pillar Two. Onder druk van auditors zie je actie, maar die is vaak gericht op het toepassen van de tijdelijke safe harbours. Terwijl je de tijd eigenlijk ook had kunnen benutten om de basisprocessen voor Pillar Two op orde te brengen.
Ik denk dat er ook lang het idee leefde dat Pillar Two het niet zou overleven als grote economieën zoals de VS en China niet mee zouden doen, of dat Amerikaanse multinationals er helemaal niets mee hoefden. Als de afgelopen periode iets heeft geleerd, dan is het dat dit niet klopt: Pillar Two is er en de verplichtingen zijn al opgenomen in lokale wetgeving.
Gelukkig zijn de CbCR safe harbours met één jaar verlengd; gebruik die tijd dan ook verstandig: als lucht om je interne processen op orde te krijgen.
“Waar lopen bedrijven concreet tegenaan?”
De grootste uitdaging is meestal niet het begrijpen van de wet of de verwachting dat er een cash impact (bijheffing) is, maar de administratieve last om elk jaar aantoonbaar compliant te zijn. Die last zit vooral in het verzamelen van de juiste data uit verschillende teams en systemen, intern dezelfde taal spreken over begrippen, het goed kunnen uitleggen aan interne en externe stakeholders én het proces zo inrichten dat het niet elk jaar opnieuw een groot project wordt.
“Hoe kunnen bedrijven dit beheersbaar maken?”
Als wij dit aan bedrijven uitleggen, doen we dat zoveel mogelijk zonder ingewikkelde jargon:
- Bepaal waar Pillar Two ‘kan bijten – ’Start bij de landen die voor jullie het belangrijkst zijn (omzet, marge, mensen/activiteiten, strategische footprint). Daar wil je sowieso grip op hebben, ook als het risico uiteindelijk meevalt. Combineer dat met landen waar je nu al signalen ziet van een lage effectieve belastingdruk. Dáár zit dan je prioriteit.
- Zorg dat je de juiste data kunt verzamelen – Begin bij wat je organisatie al goed kan: het proces om tot de geconsolideerde jaarrekening te komen.
- Welke data is per entiteit al standaard beschikbaar?
- Welke extra informatie heb je nog nodig voor Pillar Two?
- Waar zit die informatie in de organisatie en wie kan die leveren?d. Hoe zorg je dat die data voortaan structureel meekomt?
- Spreek één gezamenlijke taal af – Leg intern eenvoudig vast wat je bedoelt met de belangrijkste begrippen en welke data je gebruikt.
- Leg het zo vast dat je het rustig kunt uitleggen – Zorg dat je intern en extern kunt laten zien: dit is logisch, dit is consistent, en zo komen we eraan. Daar hoort ook bij dat je consolidatieaanpassingen goed “vertaalt” naar Pillar Two:
- hoe wordt de belastingpositie in de jaarrekening vastgesteld;
- welke “manual adjustments” zitten in het consolidatieproces;
- per aanpassing: hoort dit wel of niet thuis in Pillar Two;
- als het wél meetelt: waarom en op welk uitgangspunt leun je;
- als het níét meetelt: waarom niet (bijvoorbeeld omdat het aanpassingen zijn die puur vanuit een groepsperspectief zijn gedaan en die je in een zelfstandige jaarrekening van die entiteit niet terug zou zien).
- Kies een aanpak die bij jouw organisatie past – De aanpak om Pillar Two beheersbaar te maken verschilt per organisatie. Sommige bedrijven hebben specifieke teams en tooling, andere een klein tax team dat Pillar Two ‘erbij’ doet. Er is geen goed of fout: het gaat om wat past – nieuwe software, uitbreiding van bestaande systemen, of een hands-on aanpak met slimme templates (ook Excel). Als het werkt, werkt het.
Als je langer in scope bent en dit al een paar keer hebt gedaan:
Dan verschuift de vraag van “hoe starten we?” naar “hoe maken we dit elk jaar makkelijker?” Maak vaste stappen van terugkerend handwerk en discussie: dezelfde definities, dezelfde bronnen, dezelfde templates, dezelfde mensen aan tafel. Automatiseer vooral het saaie terugkerende werk: data ophalen, controles en het vullen van vaste formats.
“Dan de VS: is er een uitzonderingspositie voor Amerikaanse multinationals?”
Het Side-by-Side akkoord is vooral een politiek compromis om frictie met de Verenigde Staten te verminderen, zonder het systeem te laten ontsporen.
Belangrijk: dit is geen volledige vrijstelling. Binnenlandse bijheffingen (QDMTT’s) in landen waar de Amerikaanse groep actief is, blijven gewoon gelden. Het pakket ziet vooral op het wegnemen van bijheffing via de heffingsregels van andere landen (IIR/UTPR).
Dat leidt wel tot een vorm van ongelijkheid in administratieve last en (in bepaalde situaties) mogelijke bijheffingen. In landen zonder QDMTT krijgen Amerikaanse multinationals meer bescherming tegen buitenlandse IIR/UTPR-bijheffing. Daarnaast lopen zij niet tegen situaties aan waarin je voor hetzelfde land meerdere “parallelle” berekeningen moet maken (bijvoorbeeld één berekening onder een lokale QDMTT en daarnaast nog een berekening onder een IIR/UTPR-regime van een ander land). Dat kan substantieel schelen in complexiteit en compliance-inspanning.
Natuurlijk roept dit level-playing-field vragen op, maar belangrijk om te zeggen is: de OECD bouwt er waarborgen omheen en committeert zich aan een evaluatie in 2029 om eventuele ongewenste effecten, zoals concurrentieverstoringen, te meten en bij te sturen.
“Wat verwacht je de komende jaren?”
Ik verwacht dat Pillar Two de komende jaren steeds meer een standaard compliance-discipline wordt, net zoals andere reporting-verplichtingen. De trend is: minder pionieren, meer routine.
En belangrijk: er wordt gewerkt aan vereenvoudigingen, omdat iedereen ziet dat de administratieve last anders te groot wordt. Het doel daarvan is dat je in veel landen sneller kunt aantonen “hier is het risico laag”, zodat je niet overal de zwaarste route hoeft te volgen.
“Wat is de kernboodschap die je lezers wilt meegeven?”
Ja, Pillar Two is complex, maar als je het terugbrengt tot een paar praktische stappen, is het goed beheersbaar. Wij starten niet bij de regels, maar bij de business. Dit is waar wij voor staan en ook de basis waarop wij onze teams opbouwen en onze mensen trainen. We investeren in kennis en ervaring, onder andere met de recente toevoeging van Paul Sleurink als of counsel en fiscale boardroom adviseur. Hoe verdient het bedrijf zijn geld en hoe zit de organisatie in elkaar? Als je dat scherp hebt, kun je complexe regels snel vertalen naar praktische, beheersbare stappen die passen bij de onderneming.”
Meer weten over onze Pillar Two services? Bekijk onze Pillar Two service pagina of neem direct contact op via onderstaande button.
Contact